Klassiek - of traditioneel - is de bouwstijl die overgenomen is van oudere stijltypes, maar wel met in acht neming van de moderne behoeften (je zal zelden een klassiek huis vinden waar het toilet gemaakt is door een gat in de grond en vier houten planken waarvan eentje met een gat in).
Onder klassiek horen dus zowel de fermettes (of boerderijstijl), de notariswoning, de pastorijstijl als de bungalow thuis.

De hoofdkenmerken blijven echter altijd die van oudere stijlhuizen, bijvoorbeeld

voor de fermette : hoevestijl, lage dakhoogte, met de verdieping onder het zadeldak, meestal met rode pannen en voorzien van een dakkapel.
De gebruikte materialen moeten er authentiek en - beter nog -  verouderd uitzien.
Vaak zie je de oude hoeve-kenmerken terugkomen, zoals een ingemetst karrenwiel en vensterluiken, vastgehouden door een luikwervel, meestal in de vorm van een mannetje.

voor de pastorijwoning : De voordeur wordt omgeven door een (licht-)blauwe hardsteen en de buitenkant is eenvoudig van vorm met rechte hoeken.
Er is een volledige eerste verdieping, geen kamers onder het dak en geen dakkapellen. De gevel is vaak opgetrokken in een rode baksteen, met onderaan een grijs gecementeerde plint.

Hieronder enkele van onze verwezenlijkingen